Eenzaamheid is het subjectief ervaren van een onplezierige of ontoelaatbaar gemis aan contacten met anderen of aan de kwaliteit daarvan.
Else Nobel bestuurslid van het CPM begon de avond met een kennistest.
Deze test viel nog niet mee. Want van de veertien ongemakken die ze liet zien waren er maar vier die te maken hebben met het ouder worden.
92% van de ouderen boven de 65 jaar wonen nog zelfstandig. Bovendien zijn 58% van de ouderen eenzaam. Niemand in de zaal hadden dergelijke percentages verwacht.
Verder gaf Else aan dat de risico om te vereenzamen wordt vergroot door de vergrijzing, afname van de verzorgingsstaat, individualisering van de maatschappij en de hoge eisen van de kwaliteit van leven.
Verder liet ze beeldend het verschil zien tussen ‘eenzaam maar niet alleen’ en ‘alleen maar niet eenzaam’, met tevens de gevolgen van sociale eenzaamheid en emotionele eenzaamheid.
De risicogroepen om eenzaam te worden zijn: Mensen met een beperking  62% Mensen met gezondheidsproblemen 60% Alleenstaanden 58% Laagopgeleiden 57% Niet-westerse
immigranten 60%, maar ook mantelzorgers die langdurig zijn overbelast 43%.
Tot slot gaf Else enige tips om mensen met eenzaamheid te herkennen. Vervolgens werd de zaal in groepjes verdeeld om een vragenlijs te bespreken en een weging te maken. Niet met de bedoeling om het ter plaatse in te vullen maar er samen over te spreken, dit mee naar huis te nemen om in eigen kring verder in te vullen.
Kortom een leerzame avond waarin uiteraard het omzien naar elkaar van groot belang blijft, vooral juist in deze tijd.